Wegiz als bouw-eis: wat moet je software concreet kunnen

Zorgverleners bekijken gegevens op een tablet
Datum
21 september 2026
Auteur
Isatis Group
Categorie
Engineering
Leestijd
9 min lezen

De Wegiz verplicht elektronische gegevensuitwisseling in de zorg. Zie welke uitwisselingen eerst volgen en wat NEN normen, zibs en FHIR van je software vragen.

Sinds 1 januari 2024 moet een huisarts een recept elektronisch naar de apotheek sturen. Dat is op dit moment de enige gegevensuitwisseling die onder de Wegiz daadwerkelijk verplicht is, en tegelijk het model voor alles wat er nog aankomt.

De Wegiz, voluit de Wet elektronische gegevensuitwisseling in de zorg, geldt sinds 1 juli 2023. Het is een kaderwet: de wet zelf wijst geen uitwisselingen aan. Dat gebeurt per algemene maatregel van bestuur (AMvB), die doorverwijst naar kwaliteitsstandaarden, NEN normen en informatiestandaarden. Daar staan de eisen die in je code terechtkomen.

Hieronder lees je welke uitwisselingen als eerste aan de beurt zijn, welke normen erbij horen, wat zib's en HL7 FHIR met je datamodel doen en hoe je een bestaand systeem geschikt maakt.

Wat de Wegiz precies verplicht

De Wegiz verplicht zorgaanbieders om aangewezen gegevensuitwisselingen elektronisch te laten verlopen. De wet gaat over de manier van uitwisselen. Artikel 1.7 zegt dat in één zin: de wet bevat geen verplichting tot het uitwisselen van gegevens zelf. Of een zorgverlener gegevens deelt, volgt uit de kwaliteitsstandaarden van het zorgveld. De Wegiz bepaalt hoe dat technisch gebeurt zodra het gebeurt.

Die verplichting komt in twee sporen:

  • Spoor 1. De aangewezen uitwisseling moet vanaf een bepaalde datum elektronisch verlopen. Er horen geen eisen aan taal en techniek bij.
  • Spoor 2. De uitwisseling moet elektronisch én volgens aangewezen normen verlopen. Leveranciers tonen aan dat hun software aan die normen voldoet, en zorgaanbieders mogen dan alleen die software gebruiken.

Voor een softwareleverancier telt spoor 2. Daar veranderen berichtformaten, velddefinities en koppelvlakken van vrije keuze in wettelijke eis.

De documentenketen loopt steeds hetzelfde. De AMvB wijst de uitwisseling aan en verwijst naar een kwaliteitsstandaard en een NEN norm. De NEN norm verwijst naar een informatiestandaard. Die legt de gegevens en berichten vast tot op veldniveau. Wil je weten wat je moet bouwen, dan zit het antwoord in het onderste document van die stapel. Voor leveranciers en instellingen in de zorg is de wettekst zelden het startpunt.

De wet stelt ook een eis aan de normen zelf. Artikel 1.4 bepaalt dat een norm alleen aangewezen kan worden als daarin eisen staan aan de te gebruiken koppelvlakken, volgens een API strategie op basis van open en waar mogelijk internationale standaarden. Een gesloten koppeling tussen twee bekende partijen voldoet daar per definitie niet aan.

Welke gegevensuitwisselingen als eerste verplicht worden

Op de Meerjarenagenda Wegiz staan vijf gegevensuitwisselingen die als eerste elektronisch moeten verlopen:

  1. Medicatieoverdracht. Het volledige medicatieproces tussen voorschrijver, apotheek, instelling en patiënt.
  2. Basisgegevensset Zorg (BgZ). De samenvatting van patiëntgegevens die in elk onderdeel van het zorgproces van belang is, tussen instellingen voor medisch specialistische zorg.
  3. Beeldbeschikbaarheid. Radiologische beelden en de bijbehorende verslagen.
  4. eOverdracht. De verpleegkundige overdracht tussen langdurige zorg en ziekenhuizen, en tussen organisaties in de langdurige zorg onderling.
  5. Acute zorg. Gegevens tussen huisartsenpost, ambulance, meldkamer en spoedeisende hulp.

Wettelijk aangewezen is tot nu toe alleen het versturen van een recept door de huisarts aan de terhandsteller, geregeld in het Besluit elektronische gegevensuitwisseling in de zorg en van kracht sinds 1 januari 2024. Sinds 1 juli 2024 geldt daarnaast dat de medicatieafspraak beschikbaar moet zijn voor de persoonlijke gezondheidsomgeving (PGO) van de patiënt, volgens de MedMij gegevensdienst Verzamelen Huisartsgegevens 2.0 en de bijbehorende informatiestandaard.

De overige AMvB's liggen stil. In de voortgangsbrief van 20 januari 2026 schrijft de minister van VWS dat het op dit moment juridisch niet mogelijk is om ze in proces te brengen. De Wegiz gaat uit van een beoordeling door een onafhankelijke certificerende instelling, terwijl de Europese verordening over de European Health Data Space (EHDS) werkt met zelfbeoordeling door de leverancier. Eerst moet die wijziging in de Wegiz verwerkt worden. Het wetsvoorstel gaat naar verwachting in de loop van 2027 naar de Tweede Kamer.

Uitstel van de AMvB's betekent geen uitstel van het bouwwerk. De inhoudelijke eisen liggen grotendeels vast en de implementatie loopt door. De NEN normen voor de BgZ, beeldbeschikbaarheid en de eOverdracht zijn klaar, en het programma Medicatieoverdracht draait een kickstart in de regio's Friesland en Rijnmond, waar medicatiegegevens volgens planning vanaf medio 2026 gestandaardiseerd worden uitgewisseld. Leveranciers van openbare apotheken, huisartsen, ziekenhuizen en zelfstandige behandelcentra zijn begonnen met de implementatie.

De normen en standaarden die je software raken

Voor de vijf geprioriteerde uitwisselingen zijn eigen NEN normen ontwikkeld. De stand per september 2026:

  • NEN 7503:2022 voor het voorschrijven en ter hand stellen van medicatie.
  • NEN 7540:2024 voor de Basisgegevensset Zorg.
  • NEN 7541:2026 voor beeldbeschikbaarheid.
  • NEN 7542:2026 voor medicatiegegevens.
  • NEN 7545:2026 voor de eOverdracht.

Daarnaast komt er een tweede reeks normen voor de generieke functies: de onderdelen die bij elke uitwisseling terugkomen. Het gaat om identificatie, authenticatie, lokalisatie, toestemming, autorisatie en adressering. NEN 7519 voor lokalisatie is in 2026 gepubliceerd. NEN 7517 (toestemming), NEN 7518 (identificatie en authenticatie) en NEN 7520 (autorisatie) zijn in ontwikkeling.

Die generieke functies verdienen aandacht in je architectuur. Ze horen bij landelijke voorzieningen waarop je aansluit. Wie toestemming, autorisatie en lokalisatie hard in de eigen applicatie regelt, bouwt werk in dat later weer uit elkaar getrokken moet worden. De normen zijn kosteloos in te zien; laat je architect ze lezen voordat je een schatting maakt.

Wat zib's en HL7 FHIR betekenen voor je datamodel

Een zorginformatiebouwsteen, meestal afgekort tot zib, is een vastgelegde definitie van een klinisch begrip: welke velden erin zitten, welk type ze hebben en uit welke codelijst de waarden komen. Informatiestandaarden zijn opgebouwd uit zib's en worden vertaald naar HL7 FHIR profielen, de technische vorm waarin de gegevens over de lijn gaan.

Hoe concreet dat wordt, laat de informatiestandaard Medicatieproces 9 zien. Versie 2.0.0 is gespecificeerd in HL7 FHIR R4 en gebaseerd op de zib publicatie uit 2020. De uitwisseling draait om zib's als MedicatieAfspraak, Verstrekkingsverzoek, Toedieningsafspraak, MedicatieVerstrekking en MedicatieGebruik. De eOverdracht gebruikt er 57; de minimale set daarvan bevat er dertien.

Voor je datamodel volgen daar drie vragen uit.

Dekking. Je model moet elk veld bevatten dat de zib voorschrijft. Staat de helft daarvan in een vrij tekstveld, dan is dat de meest voorkomende reden dat een bestaand systeem een kwalificatie niet haalt.

Codering. Zib's schrijven gecodeerde waarden voor, vaak uit SNOMED CT of een vergelijkbaar codestelsel. Een eigen keuzelijst met vijf opties vertaalt zelden één op één naar zo'n lijst, en die vertaaltabel is werk dat je vooraf onderschat.

Plaats van de vertaling. Je kunt de zib structuur in je kern opnemen, of je bestaande model laten staan en vertalen in de koppellaag. De tweede route gaat sneller live. De eerste route betaalt zich terug zodra er een tweede en derde uitwisseling bijkomt, omdat je dan niet voor elke standaard opnieuw een vertaling onderhoudt. Wij bouwen die laag vaak als onderdeel van maatwerk software en documenteren hem als een gewone API, met versies en releasenotes.

Wat een gekwalificeerde uitwisseling van je koppelingen vraagt

Voordat een systeem meedoet aan een uitwisseling, moet het aantonen dat het de informatiestandaard correct toepast. Nictiz voert die kwalificatie uit met een simulator: je applicatie maakt verbinding, doorloopt de scenario's uit het kwalificatiescript en krijgt bij een goed resultaat een verklaring voor dat zorginformatiesysteem. Komt er een nieuwe versie van de informatiestandaard, dan volgt een nieuwe kwalificatieronde.

Dat heeft vier gevolgen voor de manier waarop je bouwt.

  • Je koppelvlak wordt een product met een eigen levenscyclus. Versienummers, releasenotes en een overgangsperiode waarin twee versies naast elkaar draaien horen erbij.
  • Testdata en scenario's zijn onderdeel van de scope. De kwalificatie test uitzonderingen, en die uitzonderingen moet je ergens kunnen naspelen.
  • Technische documentatie wordt een oplevering. Onder het aankomende regime van zelfbeoordeling toont de leverancier zelf met documentatie aan dat het systeem voldoet; NEN publiceerde daarvoor in 2026 het beoordelingsschema NCS 7560.
  • Overstappen moet mogelijk blijven. Artikel 1.5 van de Wegiz maakt het mogelijk eisen te stellen die een zorgaanbieder laten wisselen van systeem, inclusief dataportabiliteit. Een volledige, gedocumenteerde export hoort dus in de planning.

Een bestaand systeem stap voor stap geschikt maken

Een ECD, apotheeksysteem of planningsapplicatie hoeft hiervoor niet herbouwd te worden. Deze volgorde werkt in onze projecten het best.

  1. Bepaal welke uitwisselingen je raken. Dat hangt af van de zorgsoort van je gebruikers. Een leverancier in de langdurige zorg krijgt eOverdracht en medicatiegegevens; een ziekenhuisleverancier ook BgZ en beeldbeschikbaarheid.
  2. Leg je datamodel naast de zib's. Maak een gatenlijst per veld, met codelijsten erbij. Dit is het onderdeel dat de meeste tijd kost en de planning bepaalt.
  3. Kies de plaats van de vertaling. Koppellaag voor snelheid, kern voor houdbaarheid bij meerdere standaarden.
  4. Bouw het koppelvlak op het FHIR profiel van de standaard. Inclusief foutafhandeling, logging van mislukte berichten en een wachtrij, zoals bij elke systeemkoppeling.
  5. Kwalificeer vroeg en herhaal. Plan de kwalificatie in de eerste release, niet in de laatste sprint.
  6. Ruim tegelijk op wat in de weg zit. Verouderde datalagen en ongedocumenteerde interfaces maken elke volgende standaard duurder. Een gerichte modernisering van dat deel verdient zichzelf terug bij uitwisseling nummer twee.

Isatis bouwt al ruim dertig jaar software voor omgevingen met vaste datadefinities en strikte traceerbaarheid, van onderhoudssoftware voor de luchtvaart tot een platform voor subsidieadministratie en productdata door de supply chain met RFID. Met 30+ engineers in Nijmegen en Sarajevo en meer dan 100 projecten weten we wat verplichte velden en een externe toets doen met een planning. Plan een vrijblijvend gesprek en we kijken samen welk deel van je systeem als eerste aan de beurt is.

Veelgestelde vragen

Wat is de Wegiz?

De Wegiz is de Wet elektronische gegevensuitwisseling in de zorg, van kracht sinds 1 juli 2023. Het is een kaderwet die per algemene maatregel van bestuur gegevensuitwisselingen aanwijst die verplicht elektronisch moeten verlopen. Bij een spoor 2 aanwijzing komen daar eisen aan taal en techniek bij, vastgelegd in NEN normen en informatiestandaarden.

Welke gegevensuitwisselingen zijn nu al verplicht?

Alleen het versturen van een recept door de huisarts aan de terhandsteller, sinds 1 januari 2024. Sinds 1 juli 2024 moet de medicatieafspraak ook beschikbaar zijn voor de persoonlijke gezondheidsomgeving van de patiënt. De AMvB's voor medicatieoverdracht, BgZ, beeldbeschikbaarheid, eOverdracht en acute zorg zijn in voorbereiding.

Moet mijn software gecertificeerd worden voor de Wegiz?

De Wegiz gaat nu nog uit van een certificaat dat een onafhankelijke instelling afgeeft bij een spoor 2 aanwijzing. Die route wordt vervangen door zelfbeoordeling door de leverancier, in lijn met de EHDS. Het wetsvoorstel dat dit regelt lag in mei en juni 2026 in consultatie. Reken voor de bouw dus op technische documentatie en aantoonbare tests.

Wat betekent de Wegiz voor een bestaand systeem zonder FHIR?

Een systeem zonder FHIR kan meedoen via een koppellaag die je interne model vertaalt naar de FHIR profielen van de informatiestandaard. Het zwaarste werk zit in de gegevens zelf: velden die ontbreken, waarden die niet gecodeerd zijn en tekstvelden waarin meerdere begrippen door elkaar staan.

Deel dit artikel

Jack van Poll

Jack van Poll

Co-Founder, Isatis

Schrijft over nearshore engineering,
softwarepartnerschappen en teams die blijven.

Neem contact op

Lees verder.

Alle artikelen